Historie

Op 10 april 1981 vond de officiële opening plaats van het Zuidwest Radiotherapeutisch Instituut in Vlissingen (ZRTI). Daar is ruim 10 jaar voorbereiding aan vooraf gegaan. Aan de basis van de oprichting stond ir. J.A.M. Schoonderwoerd, voorzitter van het bestuur van de stichting ZRTI van 1981 - 1991.  30 jaar na de oprichting vertelt hij ons zijn verhaal.

Werkgroep Oncologie

In 1965 startten de medische staven op Walcheren, dr. W.A. Bax, chirurg te Vlissingen en dr. H.T. Planteydt, patholoog-anatoom te Middelburg met een werkgroep oncologie. Deze werkgroep wilde alle krachten bundelen om in Zeeland een centrum voor het toepassen van de megavolttherapie (later radiotherapie) te organiseren. In die tijd reden 175 tot 200 patiënten per jaar gedurende 6 tot 8 weken nog dagelijks naar Rotterdam om bestraald te worden. De werkgroep zocht steun voor haar idee bij het Koningin Wilhelmina Fonds. Dit leidt in 1971 tot het rapport "Megavolttherapie in Zeeland" van dr. L. Meinsma, directeur Koningin Wilhelmina Fonds Amsterdam.  In datzelfde jaar pleit de werkgroep oncologie bij de Zeeuwse ziekenhuizen voor de realisatie van een Zeeuwse  bestralingsfaciliteit. Schoonderwoerd werd gevraagd deze kar te trekken of zoals hij zelf zegt: "het werd me op mijn dak geschoven. Ik had er eigenlijk helemaal geen tijd voor, afgezien van het feit dat ik in die tijd van radiotherapie nog weinig verstand had".

Zeeuws centrum voor megavolttherapie

Schoonderwoerd was in die tijd hoofdingenieur bij de PZEM en verantwoordelijk voor de bouw van de kerncentrale en de conventionele centrale in Borssele. Hij had een hele drukke baan en bekleedde diverse nevenfuncties. Als voorzitter van het bestuur van het St. Jozeph Ziekenhuis nam hij deel aan de commissie Contact Zeeuwse Ziekenhuizen, een commissie ter bevordering van de contacten tussen de Zeeuwse Ziekenhuizen. De allereerste keer dat Schoonderwoerd bij de werkgroep oncologie werd uitgenodigd, kwam de heer Meinsma een praatje houden over de kankerbestrijding. Schoonderwoerd: "Ik dacht dat Meinsma geld kwam zoeken, maar dat was niet zo." Na afloop van de lezing werd Schoonderwoerd benoemd tot voorzitter van de werkgroep megavolttherapie en kreeg hij de opdracht een Zeeuws centrum voor megavolttherapie op te richten.

Hospitaalbunker

Aan het begin van de twintigste eeuw ontstond het villapark aan de voet van de boulevard. In 1931 werd daar tevens aan de Koudekerkseweg het Bethesda ziekenhuis gebouwd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog hadden de Duitsers in deze westzijde van de stad een bunkerbouw geprojecteerd waarin de ondersteunende diensten ondergebracht konden worden. Dat was een bewuste keuze omdat dit namelijk het minst door luchtaanvallen bedreigde stadsdeel van Vlissingen was.

Ook rond het Bethesda ziekenhuis verrezen bunkers om de gewondenverzorging van het vestinggarnizoen veilig te stellen. Zo werd hier een hospitaalbunker van het type 118c gebouwd [1943] waarin operaties uitgevoerd konden worden. Voor het onderbrengen van gewonden werden twee bunkers van het type 134s neergezet.

In de 50-er jaren is aan de zijde van de Hogeweg een stuk aangebouwd ten behoeve van de commandopost van de B.B. (Bescherming Bevolking). Deze werd geopend op 24 september 1955.

Ook gegevens in het Gemeentearchief Vlissingen bevestigen dat deze hospitaalbunker c.q. B.B. commandopost, die nu onderdeel uitmaakt van het ZRTI, dezelfde is als de Rode Kruisbunker uit de Tweede Wereldoorlog.

De organisatie Bescherming Bevolking (B.B.) werd in 1951 opgericht om de Nederlandse burgerbevolking bij een eventuele oorlog tussen Oost en West zo goed mogelijk bescherming te bieden tegen de gevolgen van bombardementen en ander oorlogsgeweld. In heel het land kwamen afdelingen tot stand, die honderdduizenden Nederlanders trainden in hulpverlening; bovendien startte de BB een uitgebreide voorlichtingscampagne. Het programma behelsde verder onder meer de bouw van atoomschuilkelders. Pas in de jaren tachtig werd de BB opgeheven.

Van de bunkers rond het ziekenhuis resteert dus nog een klein deel van de 118c, die opgenomen is in de bestralingsafdeling van het Zuidwest Radio-Therapeutisch Instituut (ZRTI), dat in 1980 werd gebouwd. Deze bunker wordt nog steeds gebruikt.

Philips had berekend dat de Vlissingse hospitaalbunker uit de Tweede Wereldoorlog geschikt gemaakt kon worden voor het plaatsen van een bestralingsapparaat. Omdat het gebruik van de bunker tot bouwbesparingen zou leiden, besloten de besturen van de Stichting Streekziekenhuis De Bevelanden en het Streekziekenhuis Walcheren dat Vlissingen de oprichting van een radiotherapeutisch instituut na zou streven (toen nog 'centrum voor megavolttherapie') en Goes zich zou inzetten voor de realisatie van een nierdialysecentrum. Pas later bleek dat de bunker niet helemaal geschikt was, onder andere omdat de ruimtes veel te klein waren om een bestralingsapparaat onder te brengen. Met gebruik van de overheidsubsidie om oorlogszaken te verwijderen, werd de bunker gedeeltelijk gesloopt en werd het fundament en een paar muren behouden om later het ZRTI op te bouwen.

Regionaal centrum


De werkgroep megavolttherapie zocht contact met het bestuur van het Rotterdamsch Radiotherapeutisch Instituut (RRTI) om te helpen bij de oprichting van een regionaal centrum in Zeeland. In 1977 berichtte de Staatssecretaris, mevr. mr. E. Veder-Smit, dat zij in beginsel bereid was mee te werken aan een radiotherapeutisch instituut. Voor Schoonderwoerd was dit een mijlpaal: "Dit was het eerste moment dat ik in de realisatie van een eigen bestralingsinstituut ging geloven".  Toen ook het bestuur van de Godshuizen te Middelburg bereid was haar erkenning als kankerinstituut over te dragen aan het ZRTI, was de weg vrij om de Stichting ZRTI op te richten, waarin het RRTI zou participeren.

ZRTI

Begin 1981 werd het eerste bestralingsapparaat geplaatst. Op grond van een overeenkomst met het RRTI werd mevr. Prof. B.H.P. van der Werf-Messing, hoofd van de afdeling radiotherapie in Rotterdam, de eerste radiotherapeute van het ZRTI. Slechts een paar jaar na de oprichting werden in Vlissingen al 450 patiënten per jaar behandeld. Een tweede lineaire versneller, een eigen radiotherapeut en klinisch fysicus en meerdere laboranten waren begin jaren negentig een feit.

De oprichting van het ZRTI is in feite éénpersoonswerk geweest: vrijwilligerswerk. Voor deze bijzondere verdienste voor de kankerbestrijding in Nederland ontving ir. Schoonderwoerd de Prof. Dr. P. Muntendamprijs, een onderscheiding van de Stichting Koningin Wilhelmina Fonds, Nederlandse organisatie voor de kankerbestrijding.

Tweede vestiging

Op 2 juli 2014 werd een tweede vestiging van het ZRTI in Roosendaal klinisch in gebruik genomen. De vestiging van het radiotherapeutisch centrum in Roosendaal past in de visie van Lievensberg Ziekenhuis en Franciscus Ziekenhuis om de oncologische zorg de komende jaren in Roosendaal te concentreren. Het nieuwe centrum is voorzien van twee bestralingstoestellen en bestralingstafels die over de modernste functionaliteiten beschikken.  

Inmiddels helpt het ZRTI ongeveer 1700 kankerpatiënten per jaar uit Zuidwest Nederland en werken er ruim 70 hoogopgeleide medewerkers bij het ZRTI.